De jongmansgilden

Te Leefdaal bestaan twee gilden die uitsluitend vrijgezellen als leden tellen. Het zijn de enige in België. Zij kenden een belangwekkende geschiedenis.
De oudste is wederopgericht in 1839. Een jaar daarna ontstond de oudste muziekvereniging van de streek, de Filharmonie. Beide verenigingen zijn zeker vanaf 1902 nauw met elkaar verbonden gebleven.
Gilde en muziekvereniging volgen in de 19de eeuw een selectieve ledenpolitiek: het lidmaatschap was een voorrecht en de contributie hoog. Dat was samen met familieveten de oorzaak van de oprichting in 1875 van een nieuwe muziekvereniging, de Sint-Lambertusfanfare en in 1902 van een nieuwe jongmansgilde, beide bekend onder de naam “nummer twee”.

De burgemeester en zijn gevolg wordt afgehaald

De rivaliteit tussen één en twee is, zelfs op het gebied van de gemeentepolitiek, altijd groot geweest. De wedijver heeft gelukkig tot gevolg gahad dat de beide gilden eertijds een grote bloei kenden en dat zij uiteindelijk zijn blijven bestaan. Tot de tweede wereldoorlog bestonden eveneens gilden voor gehuwden.

Het doel van de jongmansgilden is ontspanning te bezorgen aan hun leden. Hun voornaamste bezigheid is de jaarlijkse koningsschieting. In de vroege 20e eeuw duurde het feest vier dagen.

  • Op zaterdag bracht men de hoge wip in orde;
  • s’anderdaags, in de voormiddag, had de koningsschieting met de handboog plaats, in de namiddag bezocht men de bevriende herbergen en de dag eindigde op de dansvloer.
  • Op maandag werd een schutterswedstrijd gehouden met als prijzen typische rode zakdoeken;
  • op dinsdag nam men afscheid van de wip met een grote rondedans. Dit afscheid belette niet dat de volgende dagen soms verder werd gevierd.

De geleidelijke overgang van een zuiver landbouwdorp naar een gemeente met veel pendelaars heeft tot gevolg gehad dat de jongmansgilden moesten inbinden. Nu bestaan nog alleen de feestelijkheden op de dag van de koningsschieting.

Na de hoogmis haalt men in stoet de koning, de gemeenteoverheid en de kasteelheer van Leefdaal af. Samen gaat men naar de schuttersweide tussen de kerk en het kasteel. De koningsvogel wordt secuur op de wip geplaatst. Dan volgen de begroetingen van de overheidspersonen en de begroeting van de wip door de ruiters en het vlaggenzwaaien. De eigenlijke schieting begint met drie ereschoten van de kasteelheer, van de overheidspersonen en van de koning. Laat de koning de kans voorbijgaan om zijn titel onmiddellijk te verlengen, dan treden alle kandidaten tegelijk in het strijdperk.

Zilveren koningsbreuk

Het koningsschot wordt op gejuich onthaald. De nieuwe koning krijgt plechtig de zilveren breuk omhangen en ontvangt de hulde van zijn gezellen. Hij wordt daarna stoetsgewijs naar huis gebracht. De koning die erin slaagt tweemaal zijn titel te hernieuwen promoveert tot keizer.

De basiskledij van de gildenbroeders is typisch 19e eeuws: witte pantalon, gewoon jasje en platte, ronde strooien hoed met band. De dignitarissen dragen een rode sjerp rond de lenden en een rode pluim op de hoed.

De kassier of strenge “boetmeester”

De kapitein opent de gildenstoet te paard met witte hoedband, pluim en sjerp en een symbolische boog op de rug, samen met de koerier die als taak heeft de aankomst van de stoet aan te kondigen. De bevriende muziekvereniging volgt en de gewone leden sluiten aan op twee rijen. Elke rij wordt voorafgegaan door een deurwachter met wandelstok, die de broeders de toegang tot de herbergen moet beletten.
Het geldt als een wijze maatregel dat het bier altijd buiten wordt opgediend.
Vier dignitarissen sluiten de stoet: de schrijver, de kassier, de koning en de boetmeester met zwarte steek en kleine lederen tas. De gemeenteoverheid volgt samen met de kasteelheer en zijn familie. Zij gaan de helpers vooraf: de pijlrapers, die een grote, tenen hoed dragen; de knaap met witte voorschoot, en de vogeldrager, die de koningsgaai torst.

De waarheid gebiedt te zeggen dat de laatste jaren soms wordt afgeweken van de juiste regels. Er bestaan opnieuw gilden voor gehuwden, die de stoeten van de bevriende jongmansgilde volgen.

De jaarlijkse koningsschietingen van de jongmansgilden zijn gebeurtenissen van uitzonderlijk folkloristisch belang, geen modern gedoe om toeristen te lokken. Zij hebben plaats op de twee zondagen na 24 juni, maar… als u ze wenst bij te wonen, vraag dan te Leefdaal naar “De Jefkes”. Is Sint Jozef niet de patroon van de vrijgezellen?
Willy Brumagne.

Dit artikel is geplaatst in Geschiedenis. Bookmark de permalink.

7 Responses to De jongmansgilden

  1. Pingback: Jefkes en Mamers in beeld | Leefdaal

  2. Johan Morris schrijft:

    Het vlaggezwaaien tijdens de jaarlijkse koningsschieting van de Jefkes blijkt in vendelierskringen bekend te staan als een klassieker in het genre! De stijlfiguren die onder tromgeroffel te berde worden gebracht noemt men “de groet van Leefdaal” en ze worden aldus ook elders uitgevoerd door vlaamse vendeliersverenigingen.
    Zie bv. dit filmpje op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=23tHwEEPe9U

  3. Pingback: JEfkes, Pekes & Mekes op 24 juni | Leefdaal

  4. Pingback: Jefkes, Pekes en Mekes op 30 juni | Leefdaal

  5. Pingback: De Erfgoedkamer zoekt ! | Leefdaal

  6. Pingback: De jongmansgilden van Leefdaal in woord en beeld | Leefdaal

  7. Pingback: De jongmansgilden van Leefdaal in woord en beeld | Jefkes, Pekes en Mekes Leefdaal

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.